Onze binnentuin (21 april)

2013-04-21 19.03.54 - Copy

2013-04-21 19.02.34 - Copy

de binnentuin op 21 april

Zoals je ziet is onze ‘serre’ intussen nogal uitgebreid. Dit omdat de plantjes te groot werden voor hun kleine potjes, maar het is nog te koud om alles buiten te zetten. Dus voorlopig is het lekker druk voor het livingraam 🙂

Hoe begin je eraan?

Bepaal waar je overal bloemen (en eventueel groenten) wil zetten. Meet die oppervlakte, en maak een lijst met dingen die je nodig hebt.

  • Bloempotten. Je vindt er plastieken aan spotprijzen in van de typische eurowinkeltjes. Nee je hebt echt geen fancy aardewerken potten nodig, het is de inhoud die telt. Belangrijk is dat er drainagegaatjes moeten zitten in de bodem, omdat anders het overtollige water nergens naartoe kan en de wortels van je planten gaan rotten.
  • Potgrond. Kies er van degelijke kwaliteit, zeker als je groenten wil gaan telen.
  • Meststoffen, zowel voor bloemen als voor groenten. Die bestaan in vloeistofvorm die je dan moet mengen met water, maar ook in vaste vorm die je dan onder de grond moet mengen.
  • Een gieter met voldoende inhoud afhankelijk van de grootte van je tuintje, met sproeierkop. (Zonder sproeier komt het water met te veel kracht op één plek terecht waardoor de aarde wegspoelt en de wortels uiteindelijk bloot komen te liggen of je zaadjes wegvloeien.)
  • Ook handig is een plantenspuit, die kan je gebruiken voor de kleine potjes waarin je plantjes gaat voorkweken; dan spoel je de zaadjes niet weg.
  • Een schopje (want met een pollepel potgrond in potten scheppen, gaat niet zo goed).
  • Tuinhandschoenen.
  • Een matje zodat je zonder problemen voor langere tijd op je knieën kan gaan zitten.

De Hema had vorig jaar trouwens ook erg leuke tuinspullen, dus kijk zeker ook eens verder dan je plaatselijk tuincentrum.

Eens volledig geëquipeerd, kan het echte werk beginnen: zaaien en planten!

Begin met iets kleins, zoals geraniums die je kant-en-klaar op de markt kan kopen en dan enkel nog moet verpotten in ruimere bakken. Regelmatig water geven, de uitgebloeide bloemen eruit knippen en meer is daar niet aan.

Zonnebloemen zijn heel erg leuk om te kweken van bij het begin. Kies voor minizonnebloemen als ze in een pot moeten komen, en zaai eerst in een kleiner potje, met voldoende centimeters tussen de zaadjes onderling. Je zal het plantje steeds groter zien worden… tot er zich uiteindelijk een mooie gele bloem openvouwt!

De makkelijkste groente om te telen op een kleine oppervlakte, is sla. Vooral handig dat je de sla zelf kan laten staan in de pot en gewoon elke dag het aantal blaadjes kan nemen dat je nodig hebt. Veel lekkerder dan een krop die verlept in je frigo ligt aan het einde van de week.

En zo breidt je tuintje zich langzaam uit tot je voor je ’t weet midden tussen de planten zit!

Grootse plannen

Onze vierkante moestuin is een bak van 1m x 1m x 0,40m waar ruim 500l potgrond in moet.
Ik had liever het grotere formaat van 1m20 gekocht maar ons balkon is nét niet breed genoeg (slechts 1m10).

Hij is opgedeeld in zestien vierkanten van – netjes uitgerekend – 25cm². We kochten hem voor +/- € 40 bij Aveve, inclusief een gronddoek want het ding heeft  geen bodem. Het voordeel is dat je alle potgrond en buitenplanten en -zaadjes met ecocheques kan betalen… ecocheques die anders toch maar in de schuif liggen te vergelen.

Als nu onze wasmachine het finaal begeeft, ga ik gillen. Ook de microgolfoven is niet meer helemaal zichzelf de laatste tijd…

Aveve biedt een gratis webapplicatie aan waar je je tuintje kan gaan plannen. Ze hebben naar ze zelf beweren enkele jaren de vierkante moestuin uitgetest en zo hebben ze bedacht welke groenten er het best in passen en hoeveel je in elk vakje kan zetten.
De applicatie houdt rekening met de ‘goede en slechte buren’ uit de groentewereld, dwz dat de ene groente niet zomaar naast de andere mag staan omdat zij dezelfde vitamines nodig hebben of dezelfde ziektes aantrekken, dus kan je ze beter een eindje van elkaar af zetten. Waarom je dan wél twee keer wortelen of twee keer rode kool naast elkaar kan zetten, ontgaat me volledig.
Daarnaast wordt er ook rekening gehouden met hoelang elke soort in de bak moet staan, maar het is mij niet duidelijk of het begint bij de zaai- of bij de planttijd, wat toch een belangrijk verschil is omdat ik het meeste op voorhand in kleine potjes ga zaaien alvorens uit te planten in de bak.
Tot slot lijken de hoeveelheden die zij per vak voorschrijven mij nogal overdreven.

Een rode kool op 25cm² kweken, dat gaat een uitdaging worden.

Ik heb wel een planning aangemaakt om op z’n minst een idee te hebben welke groentjes ik allemaal wil kweken.

Het vierkante-moestuinplan

Het vierkante-moestuinplan

  • tomaatjes
  • sla
  • rucola
  • wortels
  • rode kool
  • bloemkool
  • broccoli
  • spinazie
  • koolraap
  • paprika
  • boontjes
  • aardbeiplantjes (maar ik vrees dat dit niet gaat lukken omdat je die eigenlijk een jaar op voorhand moet planten om dan dit jaar vruchten te krijgen)
  • radijzen

(en als we daarna nog goesting hebben om de bak een ganse winter te laten staan)

  • ajuinen
  • look

In aparte potten gaan we ook nog het volgende zetten:

  • rode pepers (een project van mijn andere helft waar ik dus geen vinger naar ga uitsteken, zoals hij ook geen vinger uitsteekt naar mijn kweeksels, maar misschien krijgt hij zo de tuiniersmaak tóch te pakken)
  • courgettes (minstens twee plantjes)

Grootse plannen… Zeg dat wel.

Maar zelfs als het mislukt, heb ik toch weer het plezier gehad van ermee bezig te zijn!

Een balkontuin: meer werk dan een gewone tuin(?)(!)

Afhankelijk van het soort balkon of terras dat je hebt, is een balkontuin over het algemeen méér werk dan een gewone tuin met dezelfde oppervlakte. Als je het niet kan opbrengen om er elke dag minstens een kwartier (en in de weekends ook langer) mee bezig te zijn, dan kan je het beter nu al opgeven.

Ik wil je niet direct afschrikken… maar ik zou niet willen dat je vol enthousiasme alles gaat aankopen en dan achteraf het moet opgeven omdat je niet had verwacht dat er zoveel tijd zou inkruipen. Natuurlijk kan je bij het aanleggen van je tuintje zelf bepalen hoever je daarin gaat, en met hoeveel werk je jezelf opscheept.

Om u een idee te geven hoe het er bij ons aan toegaat…

Het toneel waar al onze hofperikelen zich afspelen, is een lang, maar smal overdekt balkon waar net plek is voor een gezellige tête-à-tête in de ochtendzon. Het is volledig oostelijk georiënteerd waardoor ’s zomers de zon er slechts tot maximum half één schijnt.

Foto eigendom van het immokantoor. (of alleszins niet van mij)

Foto eigendom van het immokantoor. (of alleszins niet van mij)

Dat heeft verschillende na- maar ook voordelen:

  • We krijgen geen regenwater op ons balkon (tenzij er heel felle oostenwind staat). Dus alles moet dagelijks gegoten worden (’s zomers soms zelfs twee keer per dag) en bovendien met kraantjeswater.
  • Het voordeel daarvan is dat je zelf perfect kan bepalen hoeveel water je tuin krijgt: nooit te veel of te weinig, enfin, afhankelijk van uw eigen luiheid.
  • Nog een voordeel is dat ge geen schrik moet hebben dat uw tomaten barsten van het regenwater. Ah neen, zonder regen.
  • Het grootste nadeel is dat je ’s zomers niet op vakantie kan vertrekken zonder dat je een toegewijde ‘plantensit’ hebt die bij voorkeur elke dag kan komen gieten.
  • Op de vijfde verdieping betekent: geen vogels die aardbeien kunnen komen pikken.
  • Er komen ook niet zo makkelijk bijen tot op deze hoogte, die je nodig hebt voor de bevruchting van bepaalde soorten (zoals courgette), maar je kan ze wel lokken met felle bloemenkleuren.
  • Op een balkon betekent: geen slakken die je gewassen komen oppeuzelen.
  • Veel gesleur met potgrond. Je zou ervan verschieten hoeveel er al maar verdwijnt in een paar bloempotten… En aan het einde van het seizoen mag je alles weer weggooien, want tegen die tijd zijn alle voedingsstoffen opgebruikt en hou je waardeloze grond over.
  • Je bepaalt zelf hoeveel werk je jezelf bezorgt: één bloempot kan je balkon al helemaal opfleuren, daar heb je er geen 586 voor nodig.
  • Doordat er in potgrond geen onkruidzaadjes verstopt zitten, heb je geen last van onkruid. Jochei!

Bezint eer ge begint.

Dat is de enige raad die ik kan meegeven. Eens je begonnen bent, en je die eerste sprietjes uit de potgrond ziet komen piepen, zal je niet meer van ophouden weten… 🙂